Het bereiken van een goede toegankelijkheid zal nooit afhankelijk zijn van elk detail op zich, maar van de verschillende keuzes die men maakt om een ruimte in te richten of vorm te geven ... Toegankelijkheid wordt dus optimaal ingewerkt vanaf de eerste organisatorische structuren die uitgezet worden.
De ontwerpstrategie (de wijze waarop we omgaan met ontwerpmatige criteria) voor het realiseren van goede toegankelijke woonzorgcentra zou steeds een tweezijdige aftoetsing in zich moeten hebben die ervoor zorgt dat de puzzel correct gemaakt wordt:
- Ontwerpen van toegankelijke gebouwen:
De algemene ontwerpfilosofie voor het bereiken van een goede toegankelijkheid van een gebouw omvat steeds een benadering van grote → kleine structuren.
Als de grote gebouwstructuren een knelpunt vormen, zal een klein achterliggend detail steeds inboeten aan bruikbaarheid. Een toegankelijke kamer zal weinig waarde hebben als de toegang een knelpunt vormt, het goed kunnen gebruiken van een toiletpot of douche is weinig zinvol als de ruimte niet toelaat om indien nodig hulp te bieden …
- Ontwerpen van (woon)zorgruimten:
Binnen een woonzorgcentrum is zorg zo essentieel dat voor het ontwerpen van een zorgruimte de filosofie eerder een omgekeerde benadering vraagt, namelijk van kleinere onderliggende → grotere structuren.
Het uitvoeren van een handeling aan een klein element zal bepalend zijn voor de ruimte er rond. Op zijn beurt zal de aaneenschakeling van de ruimten opnieuw een weerslag hebben op grote gebruiksstructuren … en zo op de opbouw van het gebouw als dusdanig.
U kunt deze pagina afdrukken.